Kom tot geloof. Maar geloof is een relatie
de weg van geloven gaan
Voor iedereen is de weg van het geloof weer anders begonnen. Wanneer kreeg je een realtie met God? En wanneer weet je genoeg van het geloof? Thomas de apostel kon niet geloven voordat hij het zelf had gezien en aangeraakt. En jij?
De weg van geloven gaan
2e ZONDAG VAN PASEN A BELOKEN PASEN, ZONDAG VD BARMHARTIGHEID
Hoe kwam het?
Hoe ben jij tot geloof gekomen?
Het antwoord op die vraag
zal natuurlijk voor iedereen verschillend zijn,
want het geloof is wel redelijk,
je kunt er wel over nadenken,
maar het is geen wiskunde of natuurkunde,
er hoort altijd een ‘sprong van vertrouwen’ bij.
Je kunt heel hebben geleerd over het geloof,
en dat is natuurlijk heel goed,
maar dat betekent niet automatisch dát je gelooft.
Want het geloof kan op afstand blijven
en je hart niet raken.
Daarvoor heb je vertrouwen nodig.
De band van een kind
Je zou het kunnen vergelijken
met de band die een klein kind heeft
met zijn vader of moeder.
Dat kind kan misschien veel vertellen
over zijn ouders,
opscheppen over wat zijn vader allemaal kan
of hoe slim zijn moeder is,
maar je ziet pas goed hoe het zit tussen hen
als het kind zich bijvoorbeeld verlegen voelt
of met een situatie geen raad weet
of zich een beetje onveilig voelt
en gauw naar papa of mama loopt
en de armpjes om hun benen slaat
of bij hen op schoot kruipt.
Dat kindje heeft een steun, een zekerheid,
het heeft vertrouwen in die ouder,
er is een band van liefde.
Door de Warmoesstraat
Deze week vertelde een jonge vrouw me
dat zij als kind ieder jaar
met haar ouders naar de Stille Omgang ging,
dus ‘s nachts liep zij dan door de Warmoesstraat,
met de café’s en de brallende, vechtende, dronken personen
en alles wat zich daar afspeelt .
Toch was zij niet bang,
ze voelde zich veilig,
want ze liep daar hand in hand
met papa en mama
en met haar grootouders.
Hoe loop je door het leven?
Zo is het in onze relatie met God.
Als je nadenkt over God
en veel leert over de bijbel, het geloof,
de kerkgeschiedenis en noem maar op,
dan is dat iets heel goeds en ook wel belangrijk,
maar dan zegt dat nog niet zoveel
over je relatie met God.
Loop je door het leven
en voel je je veilig en geborgen
in de liefde van je Schepper?
Als iemand bijvoorbeeld kritiek heeft op anderen
die niet goed katholiek bezig zijn,
dan stelt die persoon zich wel een beetje op
alsof die beter is dan anderen:
die weet het zo precies, die is pas goed katholiek!?
Toch zegt dat dan op zich nog niet veel
over zijn relatie met God.
Wanneer heb je een band met God?
Die relatie heb je als je een band hebt met God
van hart tot hart,
bijvoorbeeld als je iets heel fijns overkomt
en je richt je spontaan in je hart tot God
om Hem te bedanken,
dan heb je een band,
of als je bij heel verdrietige gebeurtenissen
bidt en steun zoekt bij God,
dan heb je een relatie.
God is bij me,
Hij loopt als het ware naast me,
Hij draagt me als het nodig is,
die ervaring krijg je alleen als je je open stelt
en doordat je bidt.
Bernadette zag in Lourdes Maria,
zij had een diepe band met de moeder van God,
maar zij wist nog neit genoeg van het geloof
om haar eerste communie te mogen doen!
Een plantje
Die relatie krijg je als er iets groeit:
namelijk als vertrouwen en liefde groeien.
En dat groeit zoals een plantje kan groeien:
er zit een groeikracht in dat plantje zelf,
dat heeft in zich al de mogelijkheid
om heel mooi uit te groeien,
maar je moet het dan wel op tijd water geven
en voedingsstoffen.
Zo is onze relatie met God,
die komt door genade,
doordat God het je geeft
en doordat je er zelf voor open staat:
en door je gebed
“Heer, kom in mijn hart”.
Het gebed is als het water,
waardoor de relatie kan groeien
Gaan daten
Stel, je raakt een beetje verliefd op iemand.
Je kunt dan met die persoon wel graag willen “daten”,
maar dat meisje of die jongen
moet dat zelf ook wel echt willen,
anders wordt het niks.
Zo is het met God.
God wil met iedereen “daten”,
maar als wij het afhouden,
voorlopig even niet,
dan laat je een mooie kans voorbij gaan.
Tegen God kun je altijd zeggen:
“Ja, ik ben beschikbaar voor een date”.
Thomas
Vandaag hebben we in het evangelie
de apostel Thomas ontmoet.
Hij was even niet op komen dagen,
maar nu was hij er weer.
Zo had Thomas toch weer een stap gezet
naar Jezus toe.
Thomas was een apostel
die erg met de “ratio” bezig was,
met zijn verstand.
Hij wilde het wel eerst zelf zien
en kunnen aanraken
voordat hij zou gaan geloven.
Maar de Heer Jezus heeft hem geholpen
om in Hem te kunnen geloven.
‘Hier ben ik dan,
kom maar met je vinger,
steek je hand in mijn zijde”.’
Toen kon Thomas het eindelijk
over zijn lippen krijgen:
“Mijn Heer en mijn God”.
Bidt om de Geest!
Zo wil Hij ons ook helpen, jou en mij.
Toen Jezus bij Zijn leerlingen kwam,
blies Hij over hen en gaf hun
de heilige Geest.
Die Geest is ook bij jullie
Bidt om die Geest,
die zal je helpen
om verder te bouwen
aan je relatie met God.


















