Arsacal
button
button
button
button


Hoed u voor vleiers!

Bezoek aan Heerhugowaard ’t Kruis

Overweging Preek - gepubliceerd: zondag, 19 oktober 2014 - 1227 woorden
De kerk van ’t Kruis
De kerk van ’t Kruis

Zondag 10 ok­to­ber bezocht ik de H. Familie­paro­chie in Heer­hu­go­waard ’t Kruis. De deken is er admini­strator, maar de pa­ro­chie heeft geen eigen pastoor of pas­to­rale kracht. Toch weten vrij­wil­li­gers met hulp van assis­te­rende pries­ters de ge­meen­schap levend te hou­den.

Vrij­wil­li­gers hielpen met het opknappen van de kerk waardoor de kosten kon­den wor­den gedrukt en het kerkhof ziet er wer­ke­lijk piekfijn uit, dank zij een flinke groep actievelingen. Ook mag de pa­ro­chie zich verheugen in een goed dames- en heren­koor dat op deze zon­dag een Mis van Gounod zong.

Tijdens de H. Eucha­ris­tie­vie­ring heb ik de volgende homilie gehou­den:

Homilie

Aller­eerst wil ik U graag zeggen
dat ik ben blij ben met deze gelegen­heid
om met Uw pa­ro­chie kennis te maken, U te bezoeken
en samen met U de heilige Eucha­ris­tie te vieren.
De Mis is de vie­ring van onze verlos­sing
door het lij­den, de dood en de ver­rij­ze­nis van Jezus Christus,
die ons op de laatste avond van Zijn aardse leven
gevraagd heeft dit te doen
en die ons hier samen heeft gebracht.
Hier vieren we in geloof dat wij mensen zijn
met hoop en uit­zicht op eeuwig leven.

Ik hoop na­tuur­lijk dat de vie­ring U goed mag doen
en U mag sterken en kracht mag geven
op Uw weg met God door het leven,
maar dat U hier bent
om samen de heilige Eucha­ris­tie te vieren
is ook een ge­tui­ge­nis in onze samen­le­ving,
waarin aan veel dingen groot belang wordt gehecht,
die helemaal niet zo be­lang­rijk zijn,
waar zoveel onverdraag­zaam­heid,
onzeker­heid, indi­vi­dua­lis­me en een­zaam­heid is;
een­zaam­heid is het grootste,
meest verbreide probleem in onze maat­schap­pij.
In deze maat­schap­pij
waar God en geloof nogal uit beeld verdwenen zijn
- nog maar net de helft van de inwoners van ons land
geeft aan gelovig te zijn -
geeft U door samen te komen
voor de vie­ring van de heilige Eucha­ris­tie
een ge­tui­ge­nis
dat het be­lang­rijk is om ge­meen­schap te zijn
- niet alleen maar voor jezelf te leven en op jezelf -
en geïnspireerd te wor­den
door de bood­schap van het evan­ge­lie,
van daaruit te leven met de genade, de kracht die God je geeft.
We getuigen door ons samen-zijn
dat er méér is dan die paar jaar op aarde,
méér dan dit leven dat zo snel voorbij gaat.
Laten we proberen dit goede nieuws te ver­sprei­den,
door wat we zeggen, denken en doen,
door heel de wijze waarop we mens-zijn.
Laten we in ge­meen­schap verbon­den blijven
met God onze Vader en met elkaar.

Geef aan de keizer...

We hoor­den vandaag in het evan­ge­lie
die bekende woor­den van Jezus:
“Geef aan de keizer, wat aan de keizer toe­komt,
en aan God wat aan God toe­komt”,
oftewel: “Geef aan ieder het zijne”,
“Laat ie­der­een in zijn waarde”.
Het zijn woor­den
die we ons allemaal op z’n tijd
weleens te binnen moeten brengen,
want we hebben als mensen nu eenmaal een nei­ging
iets naar ons­zelf toe te trekken,
hebberig te zijn,
haat­dra­gend te reageren soms,
de ander uit het oog te verliezen,
te denken dat wij ergens recht op hebben,
terwijl dat eigen­lijk iets ge­nu­an­ceerder ligt.

Geef aan ieder het zijne, wil zeggen:
Klamp je niet vast aan geld of bezit of aan eer,
ga niet op in je gevoel, je emotie,
maar geef aan ieder wat hem toe­komt,
geef aan de keizer wat aan de keizer behoort
en aan God wat aan God toe­komt.
Dat is wat Jezus uit­ein­delijk ant­woordt
aan de Fari­zeeën en de Herodianen.

Maar na­tuur­lijk is dat niet altijd even ge­mak­ke­lijk:
soms word je lelijk behandeld,
soms heeft iemand je veel kwaad gedaan,
soms krijg je de nei­ging
om uit wraak of wrok te han­de­len
omdat een ander ons geraakt heeft,
soms voelen we afgunst of jaloezie
en verliezen we de proporties uit het oog.

Een gemeen spelletje...

In het evan­ge­lie is het een heel gemeen spelletje
wat er wordt gespeeld.
Het land van Jezus is bezet door de Romeinen.
Sommigen werken mee met die bezettende macht,
zoals de tolle­naars en de Herodianen
die vandaag op Jezus wor­den afgestuurd.
Ook de leer­lin­gen van de Fari­zeeën komen op Hem af
en die zijn - net als veel andere mensen -
tegen de Romeinse bezet­ting.
In dat gezel­schap krijgt Jezus de vraag voor­ge­legd
of je belas­ting moet betalen aan de Romeinse keizer.
Hij kan geen goed ant­woord geven:
zegt Hij “ja, je moet betalen”,
dan haalt Hij zich
de woede van de Fari­zeeën en de mensen op de hals,
die zullen zeggen dat Jezus zeker niet
door God gezon­den kan zijn, want dat Hij een landverrader is,
omdat Hij wil dat je de keizer belas­ting betaalt.
Zegt Jezus daar­en­te­gen dat je die belas­ting
niet hoeft te betalen
dan staan de Herodianen al klaar
om Hem aan te geven
en gevangen te laten zetten,
omdat Hij het volk oproept
tot bur­ger­lijke onge­hoor­zaam­heid!

Wat kan Jezus nu doen?
Hij vraagt om de belas­tingmunt te laten zien.
Ze blijken die allemaal bij zich te dragen:
dat belas­ting­geld met die gehate keizer erop!
Dat toont al de onop­recht­heid van hun vraag.
Jezus laat zich niet gek maken,
niet kwaad maken,
maar geeft de mensen toen en nu
een be­lang­rijke levensles:
“Geef aan de keizer wat aan de keizer
en aan God wat aan God toe­komt”.
Geef aan ieder het zijne
en gun welwillend een ander ook eens iets.

Hoed u voor vleiers...

Ik denk dat we het bijna allemaal
wel leuker vin­den om een compli­mentje te horen
dan van iemand een op- of aanmer­king te krijgen.
Ieder mens heeft toch wel de behoefte
goed gevon­den en aanvaard en ge­waar­deerd te wor­den.
Soms hebben we er moeite mee
als een ander wordt geprezen in ons bij­zijn,
maar een harte­lijke woord aan ons eigen adres
vin­den we best wel leuk,
zoals een ander ook blij zal zijn
met een compli­mentje van ons.
Dat is heel na­tuur­lijk.
Aan de andere kant is het vaak veel moei­lijker
iets tegen iemand te zeggen
wat een op- of aanmer­king inhoudt,
waardoor je iemand op iets wijst;
dat is moei­lijker
dan te doen alsof alles in orde is,
alles leuk en aar­dig.
Als je iemand wijst op iets wat niet zo goed is,
weet je niet hoe jouw opmer­king zal wor­den ont­van­gen;
dat is een risico
dat veel mensen ertoe brengt
om dan maar niets te zeggen.

Toch zijn we allemaal
- als het goed is -
veel dank ver­schul­digd aan mensen
die ons op bepaalde dingen hebben gewezen,
die ons hebben gezegd: ik zou het niet zo doen, maar zo,
of: dit had je beter iets anders kunnen doen of zeggen.
Dat is “feed back”, daar kunnen we door groeien.

Terwijl: voor vleiers moet je oppassen,
zoals we dus vandaag in het evan­ge­lie zien!
De leer­lin­gen van de Fari­zeeën en de Herodianen
proberen Jezus te vleien
door allerlei eigen­schappen in Jezus te prijzen
die Hem ertoe moeten verlei­den
om zich dui­de­lijk uit te spreken over hun vraag.

Zo is het heel vaak in het leven:
als mensen je erg prijzen en loven,
willen ze vaak iets van je gedaan krijgen.
Kijk uit met ja-knikkers en vleiers!
We hebben allemaal meer aan mensen
die met ons mee-denken
en ons feed-back geven,
ook als die weleens wat kri­tisch is
(maar hope­lijk wel met liefde gegeven).

Geef aan de keizer, wat van de keizer is.....
geef ieder het zijne,
dat wil zeggen:
soms een opmer­king, met liefde gemaakt,
soms een harte­lijk woord,
het gaat om de liefde,
elkaar ook iets gunnen,
zo zijn we ge­meen­schap in Christus,
die ons alles gegeven heeft,
Amen.

Terug