Arsacal
button
button
button


Studiemiddag ‘Kerk in een verander(en)de samenleving’

Waar gaan we naar toe en hoe gaan we daarmee om?

nieuws - gepubliceerd: woensdag, 7 december 2016

Op woens­dag 7 de­cem­ber werd in Heiloo een studie­mid­dag gehou­den waarop de nieuwe gespreks­no­ti­tie “Kerk in een verander(en)de samen­le­ving” werd ge­pre­sen­teerd. Met deze notitie wil het bisdom Haar­lem-Am­ster­dam een hand­rei­king bie­den aan de pa­ro­chies om zich voor te berei­den op een toe­komst, die na­tuur­lijk uit­ein­delijk in Gods hand is. Maar we moeten wel iets doen...

Een tachtig (actieve) priesters, diakens, cate­chisten en pas­to­raal werkers waren gekomen om deze studie­mid­dag mee te maken. Mede omdat er zoveel gehoor was gegeven aan de uit­no­di­ging was het een mooie collegiale ont­moe­ting waardoor de onderlinge ver­bon­den­heid werd versterkt.

Aan het begin van de studie­mid­dag heb ik een inlei­ding gehou­den waarin ik de notitie heb ge­pre­sen­teerd. Een samen­vat­ting van de tekst is hieronder te vin­den. De econoom, Thom van der Steen, gaf daarna een toelich­ting op de fi­nan­ciële cijfers en prognose, die niet al te gunstig is. Twee pastoors, Eugène Jonger­den (Hoorn e.o.) en Nico van der Peet (Am­ster­dam Noord) getuig­den op een mooie, per­soon­lijke wijze over hun ervaringen met fusies, kerk­slui­tingen en de ont­wik­ke­lingen in kerk en samen­le­ving. Na de pauze sprak Paul Donders van bureau Xpand over visie, veer­kracht en vernieu­wing in een in­spi­re­rende lezing. Paul Donders heeft de priesters, diakens en pas­to­raal werkers begeleid met een trai­ning en inter­vi­sie en zal daar­mee doorgaan.

De mid­dag werd af­ge­slo­ten met de fees­te­lij­ke eerste vespers van het hoog­feest van de On­be­vlekte Ont­van­ge­nis van Maria en een heer­lijke maal­tijd.

Kerk in een verander(en)de samen­le­ving

Een gespreks­no­ti­tie

Bij het Ad Limina bezoek van de Neder­landse bis­schop­pen was paus Fran­cis­cus even stil na de pre­sen­ta­tie van de situatie van de kerk in Neder­land door de kar­di­naal: krimp, kerk­slui­tingen enzovoorts, het klonk niet zo rooskleurig. Daarna begon de paus te spreken over de balling­schap van het Joodse volk, dat treurde over het verlies van een mooi verle­den en hij riep ons op om naast de mensen te gaan staan die treur­den om het verlies van zoveel kerk­ge­bouwen en zoveel goeds en moois in onze kerk en om de mensen te helpen vooruit te kijken, voort te gaan en samen te bouwen aan de toe­komst.

We hopen dat de gespreks­no­ti­tie die we vandaag presenteren, in deze geest wordt gelezen.

1. Er is gekozen voor een "gespreks­no­ti­tie"

  • niet de­fi­ni­tief, niet: “zo is het”
  • een stuk om verder over te spreken
  • veel is in ont­wik­ke­ling en niet zo zeker, we willen daarom geen grootse plannen en visies presenteren;
  • de gespreks­no­ti­tie kan op den duur uitmon­den in een nota met een bredere toe­komst­vi­sie
  •  er wor­den echter nu al wel lijnen uitgezet.

 2. Doel is de pa­ro­chies te sti­mu­leren tot toe­komst­ge­richt beleid

  • de gespreks­no­ti­tie bevat niet een “master­plan” van het bisdom,
  • maar wil sti­mu­leren om lokaal de ont­wik­ke­lingen te evalueren en daar beleid op te maken.
  • het is van belang dat we ons de situatie rea­li­se­ren, dat we reeël zijn;
  • niet vanuit defaitisme (“het wordt niks” of “het dient onze tijd wel uit”)
  • niet vanuit naïviteit (“de kinderen van de duisternis han­de­len met meer overleg dan de kinderen van het licht”). Zeker we moeten ver­trouwen op de Geest. Ja, maar die H. Geest heeft ons juist tot verant­woor­de­lijke mede­wer­kers be­ge­na­digd.

3. Zowel nood­zaak tot reorgani­sa­tie als missio­nair zijn

  • aan de ene kant zullen we moeten reor­ga­ni­se­ren;
  • we zullen de tering naar de nering moeten zetten, maat­regelen nemen naar aan­lei­ding van de fi­nan­ciële situatie en in het algemeen de dingen doen die met het oog op de toe­komst gedaan moeten wor­den;
  • aan de andere kant: is het van groot belang dat we de oproep van de paus verstaan om naar buiten te gaan en het evan­ge­lie te brengen;
  • Vaak zullen we daaraan moeten werken door brede ac­ti­vi­teiten, waar­mee mensen wor­den bereikt die veraf staan; ook kan deelname aan niet direct ker­ke­lijke ac­ti­vi­teiten of bij­een­komsten van belang zijn, maar in ieder geval: laat je zien, treedt in contact, ga de dialoog aan;
  • vaak zijn bredere, mooie, opbouwende ac­ti­vi­teiten vrucht­baarder dan directe ver­kon­di­ging (die is na­tuur­lijk ook zeer be­lang­rijk, maar daar moet vaak iets aan vooraf gaan: dat mensen gaan nadenken over de dingen des levens, kennis maken met cari­ta­tieve en andere ac­ti­vi­teiten vanuit de kerk en zo in beeld krijgen dat katho­liek toch zo gek nog niet is en niet zover van het leven staat).
  • De notitie vraagt veel aan­dacht voor het missio­naire aspect, deze inzet voor het evan­ge­lie (de helft van de notitie bestaat uit tips om tot vitali­teit te komen).

4. De ont­wik­ke­lingen in onze kerk

  • We zien vergrij­zing;
  • de kerk wordt kleiner, minder mensen zijn kerkbetrokken;
  • de fi­nan­ciën wor­den minder, dat begint al nijpend te wor­den en de vooruit­zichten zijn niet goed (de econoom heeft dat tij­dens de studie­mid­dag toe­ge­licht).
  • Er zijn echter ook allerlei po­si­tie­ve, mooie tekenen
  • de in­di­vi­duele keuze van mensen die het geloof ontdekken en katho­liek wor­den;
  • pa­ro­chies die tot leven komen en mooie ini­tia­tie­ven ontplooien;
  • er zijn veel ge­meen­schappen in ons bisdom van mensen met een migratie-ach­ter­grond en dat aantal neemt toe. De grootste pa­ro­chies in ons bisdom zijn migranten­paro­chies.

5. Stappen die zijn gezet

Samen­wer­kings­ver­ban­den hebben plaats­ge­von­den, vrijwel alle pa­ro­chies zijn op deze wijze verenigd met andere pa­ro­chies en er zijn veel fusies tot stand gekomen. Dit betekent steeds dat dezelfde mensen het bestuur vormen van pa­ro­chies in een groter gebied. Dit is be­lang­rijk voor het over­zicht over een wijdere regio: als er moei­lijke beslis­singen genomen moeten wor­den, is het be­lang­rijk dat niet alle pa­ro­chies in een regio bij­voor­beeld fi­nan­cieel door de grond gaan en er voldoende kerken open kunnen blijven in die wijdere regio. (Overigens zijn er nogal wat te kleine verban­den in ons bisdom die echt groter moeten wor­den. Ik zou de pastoors en besturen willen vragen: zet je daarvoor in).

  • Het pa­ro­chie­bestuur van een fusie­paro­chie of van de pa­ro­chies van het samen­wer­kings­ver­band bestaande uit dezelfde mensen voor een grotere regio begint op steeds meer plaatsen goed te werken;
  • Op steeds meer plaatsen wor­den de lokale ge­meen­schappen op elkaar afgestemd en uit­ge­no­digd ge­meen­schap te wor­den in groter verband: ge­za­men­lijke vie­rin­gen, uit­wis­se­lingen van koren, ge­za­men­lijke ac­ti­vi­teiten, ge­za­men­lijke communie en vormselvoor­be­rei­ding, tij­den van vie­rin­gen wor­den afgestemd, enzovoorts. Voor wie graag wat onder­steu­ning daarbij heeft, is het advies om hierover van gedachten te wisselen met collega’s en/of beglei­ding te vragen van Xpand door inter­vi­sie met collega’s of met het klerk­bestuur; daarbij kan men ook hulp vragen van het bisdom;
  • Er ont­staat een groter een­heid binnen het bisdom: dat was bij­voor­beeld dui­de­lijk bij de bisdom­bede­vaart naar Rome. Het bisdom is de par­ti­cu­liere kerk; theo­lo­gisch is dat de ge­meen­schap waarvan we deel uitmaken en waarvan de pa­ro­chies onder­de­len zijn, lokale ge­meen­schappen.

6. De gespreks­no­ti­tie: hulp voor pastoors en pa­ro­chie­besturen

Sommigen vroegen zich af: waarom staat er zo weinig in de notitie over pas­to­raal werkers, diakens en cate­chisten en trouwen ook over kape­laans en emeriti? Dit is geen teken van gebrek aan waar­de­ring, integen­deel! Het wil bij­voor­beeld niet zeggen dat zij niet vaak een be­lang­rijke rol spelen, met name door ieders per­soon­lijke kwali­teiten en plaats in het team. Misschien moet er meer aan­dacht aan gegeven wor­den, de oor­zaak ligt in de beleids­ma­tige focus van de notitie;

  • doel van de notitie is hulp en steun bie­den om beleid te maken, een taak die bij­zon­der bij pastoor en pa­ro­chie­bestuur ligt;
  • Het is in ieder geval niet goed de situatie op z’n beloop te laten; maar het is be­lang­rijk een gesprek op gang brengen over de ont­wik­ke­lingen, daarop in te spelen en beleid uit te stippelen;
  • het bisdom schrijft hierin niet zozeer iets voor, maar entameert dat er iets gebeurt, dat er wordt geac­teerd (vandaar de vraag naar een gebouwen­plan, winst- en verlies­plan en voor­waar­den voor de aanvraag van een Bis­schop­pe­lijke machti­ging). De vitali­teitscriteria die in het do­cu­ment wor­den genoemd betekenen niet: zo is het en zo moet het, maar: maak afwe­gingen en ga in op de stituatie! Waar wel een stop op is gezet door de notitie zijn de niet strict nood­za­ke­lijke verbou­wingen van kerken.

7. Ruimte voor de heilige Geest

God doet soms on­ver­wachte dingen, waardoor een complexe situatie wordt ‘gered’ zoals we dat in het leven van de heilige Ambrosius zien, die on­ver­wacht tot bis­schop werd gekozen als reactie op de uitroep van een kind. De Geest van God maakt vrucht­baar. Wij moeten zaaien en dan kunnen on­ver­wachts mooie dingen gebeuren, zoals in het leven van Ambrosius die preekte en wiens woor­den weerklank von­den in het hart van een jongeman, die Au­gus­ti­nus heette. En we moeten de mensen toerusten en wapenen door hen de wa­pen­rus­ting van de geloofskennis mee te geven, zoals Ambrosius bij­voor­beeld deed door de hymnen die hij schreef en die hij het volk liet leren en liet zingen.

Terug