Arsacal
button
button
button


Ik geloof in het eeuwig leven...

Wat betekent dat voor je? (32e zondag door het jaar C)

overweging_preek - gepubliceerd: zondag, 10 november 2019
Vredeskerk
Vredeskerk

Zondag 10 november was ik voor de heilige Mis in de Vredes­kerk in Amsterdam, waar ik Hans Blaas en Henk Ostendorf tot buitengewoon bedienaar van de heilige communie heb aangesteld. De lezingen gingen over de moedige Makkabeese broers en over de Sadduceeën en over het geloof in het eeuwig leven. Wat betekent dat voor je?

 

Homilie

Hetzelfde anders ervaren...

Ik vind het altijd weer bijzonder en wonderlijk
om te merken
dat mensen die precies hetzelfde meemaken
er toch heel ver­schil­lend op reageren.
Om maar een paar voorbeelden te noemen,
die misschien wel herkenbaar zijn:
twee kinderen in één gezin,
kunnen hun jeugd met dezelfde ouders
heel ver­schil­lend hebben ervaren.
Ik ben dat vaak tegen gekomen:
het ene kind heeft een fijne jeugd gehad,
het andere kind heeft er een trauma
aan over gehouden.
Of ik ontmoette twee evolutiebiologen:
de één vond zijn weten­schap
het duidelijkste teken
dat er zeker geen God bestaat,
de ander was door zijn weten­schap
juist tot geloof gekomen,
tot een ervaring van God.
Toch bestudeerden zij allebei
dezelfde zaak
en hun weten­schap­pe­lijke opvattingen
waren niet eens zo ver­schil­lend!
We hebben dat met tal van zaken.
Ik was bij een lezing geweest
die ik mooi vond en die me raakte,
maar toen ik naar buiten ging
was het eerste wat ik hoorde
het commentaar van iemand
die het maar niks vond.
Dat kan ook gebeuren in de Mis:
de ene keer komt het bij je binnen,
een andere keer veel minder,
terwijl het dan juist weer
iemand anders misschien
bijzonder heeft aangesproken.

Het hart heeft eigen redenen


Degene die zich niet aangesproken voelde,
zal vaak redeneren met zijn verstand:
hierom of daarom was het niet geweldig.
Iemand die juist wél was aangesproken,
zal eerder een reden noemen
van het hart: het had hem of haar geraakt.

Dood en eeuwig leven

We zien dit terug in de lezingen
van deze dag.
Die gaan over het geloof in het eeuwig leven.
Dat thema past goed bij deze maand
waarin we ook Aller­heiligen en Allerzielen
hebben gevierd.
Wat betekent het geloof
in het eeuwig leven voor je,
dat geloof dat we iedere zondag belijden?
Sommigen zullen liever niet
aan zulke zaken willen denken:
het thema “dood gaan”
is niet het prettigste thema.
Anderen voelen de band
met hun ouders en geliefden
die niet meer bij ons zijn.
Starend in het vlammetje van een kaars
die zij voor hun overledenen opsteken
kijken zij als het ware
in het mysterie van dood en leven.
Het eeuwig leven is voor hen
hoop en verwachting, een toekomst.
Die verwachting geeft een perspectief,
anders dan voor wie
geen hoop op eeuwig leven heeft.

De Makkabeese broeders

In de eerste lezing van vandaag
hoorden we wat dit geloof
met de Makkabeese broeders deed,
die wreed vervolgd werden.
Er leefde in hun hart
een onverwoestbaar vertrouwen
en daardoor waren zij zo sterk en onverschrokken
en gingen zonder vrees
de martelingen tegemoet.
Het geloof en het vertrouwen
in het eeuwig leven
gaven hen een enorme geestelijke kracht.
Ik heb dat zelf eens meegemaakt, vroeger,
toen een werknemer van mijn vader
ernstig ziek werd.
Hij kreeg de ziekte waaraan al zijn broers
op ongeveer dezelfde leeftijd
waren overleden.
Ik heb toen de moeder van die man bewonderd,
zij was als de moeder van die Makkabeese broers,
vol geloof en vertrouwen,
met een enorme geestelijke kracht,
terwijl zij al haar kinderen moest afstaan.

Sadduceeën

In het evangelie zien we de andere kant:

Sadduceeën komen naar Jezus toe
die niet in het eeuwig leven geloven.
Zij vinden al dat praten over hemel, eeuwig leven,
maar kinderlijk gepraat,
goed voor domme mensen.
Een hemel bestaat niet, volgens hen.
Zij redeneren,
het is de typisch menselijke redenering
van iemand die toch niet gelooft
en alles heel menselijk bekijkt.
Het klinkt misschien logisch wat ze zeggen,
maar het is menselijk, werelds gedacht.

Geraakt

Daar ligt het verschil:
De Sadduceeën redeneren;
De Makkabeese broeders branden
door het vuur van hun geloof,
ze zijn vurig, geraakt, met een innerlijke overtuiging.
Ze zijn geraakt door Gods genade.
En dat vuur van hun overtuiging
sleepte hen om zo te zeggen
door de moeilijkste fase van hun leven heen.

Redelijk, maar niet te beredeneren

Dat zouden wij vandaag ook kunnen vragen:
dat de dingen van het leven en ons geloof
niet iets van het hoofd alleen zullen blijven,
zoals je een catechismus uit je hoofd
geleerd kunt hebben,
maar als het daarbij blijft,
voedt die je hart niet.
Het geloof is wel redelijk
maar wie het te veel beredeneert
maakt het alleen maar stuk.
Het wordt pas mooi
als we in het mysterie kunnen gaan staan,
tot overgave komen,
als we ons laten raken
en het vuur van de bezieling er is.

Laten we vandaag misschien vragen
dat we altijd zo open mogen zijn voor het mysterie,
dat we ons kunnen laten raken
en het wonder mogen kunnen ervaren.

Terug